Een woonwijk bouw je niet alleen voor een dak boven je hoofd, maar voor een gezonde samenleving

Op uitnodiging van Het Oversticht en de provincie gingen bestuurders en professionals in gesprek over hoe te sturen op de toename van natuurwaarden binnen gemeenten, projecten of in de provincie? Hoe doe je dat in een speelveld met veel belangen en ambities?

Interessant? Deel het artikel

wijnand van die

Hoe komt een woonwijk eruit te zien als je niet alleen bouwt om een dak boven je hoofd te hebben, maar wanneer je rekening houdt met ‘elkaar ontmoeten’? Hoe creëer je een buitenruimte waar iedereen graag verblijft en waar huizen zijn die je gezond houden. Rondom die vraag hebben professionals en beleidsbepalers van de gemeenten Raalte, Olst-Wijhe en de provincie Overijssel deze week kennis opgedaan.

De bijeenkomst was onderdeel van ‘De Groene Karavaan’, het festival van Natuur voor Elkaar dat afgelopen weekend werd afgesloten in Het Holstohus in Olst-Wijhe.

De bijeenkomst vond plaats in de bibliotheek in Raalte, “omdat dat ook een plek is of zou moeten zijn waar mensen elkaar kunnen ontmoeten”, aldus Harrie Kiekebosch van ’t Natuurlijk Huus, een broedplaats voor natuurlijk bouwen, inrichten, wonen en werken, die de aftrap verzorgde.

De ontwikkeling van ’t Natuurlijk Huus is wel te vergelijken met het bouwen van een woonwijk. Je richt je eerst op het bouwen, dan op het inrichten en vervolgens op hoe je er gaat leven. Als je dit proces afpelt tot het uiteindelijke doel, begin je niet bij een dak boven je hoofd willen hebben, maar bij fijn wonen. Als je die volgorde hanteert bij het bouwen van een wijk, kom je tot heel andere concepten en ga je je zelfs afvragen waarom we wijken bouwen zoals we dat nu doen: monotone wijken waar je de buren niet of nauwelijks tegenkomt. Kiekebosch noemde als voorbeeld dat hij bij de heropening van de zaak van zijn Turkse kapster in Raalte allemaal Turkse dorpsgenoten zag, die hij nog nooit eerder tegengekomen was.

Cultureel antropoloog Lieke Kiekebosch gaf het belang van ontmoeten aan. Dat bepaalt uiteindelijk onze cultuur, identiteit, levensbeschouwing, gebruiken, taal, groepsvorming (waar hoor ik bij en waar niet). Het zijn allemaal constructen die ontstaan tijdens het ontmoeten. “Met het ontwerpen van woonwijken en andere stedelijke omgevingen, kun je hier invloed op uitoefenen. Als je niet oppast, creëer je segregatie: je woont in dezelfde wijk, maar komt elkaar nooit tegen.” Hoe je bouwt om elkaar tegen te komen is nog niet zo gemakkelijk. “Je slaat de plank ook wel eens mis. Dat je een ontmoetingsplek ontwerpt, waar geen ontmoeting plaatsvindt. Andersom ontstaan er ontmoetingsplekken die je niet voorzien had. Een groepje mensen dat elkaar iedere dag ergens in het centrum ontmoet. Of supporters van rivaliserende voetbalclubs die ergens een plek hebben om te rellen. De ruimte moet ervoor zorgen dat mensen zich welkom en gezien voelen, daar mag het ook gerust botsen, een ruimte voor rafelrandjes.”

Wijnand van Die, architect en adviseur duurzame stede(n)bouw van Het Oversticht, nam de aanwezigen mee naar een kernwaarde van duurzaamheid: het vergroten van onze overlevingskansen op lange termijn. Die filosofische aanvliegroute laat je ook heel anders kijken naar de bouw van een wijk en leidt bijvoorbeeld naar ‘gezondheid’. “Fysiek en psychisch gezond, ecologisch en economisch gezond, sociaal gezond. Hoe hou je daar allemaal rekening mee bij de aanleg van een wijk?” Dat begint volgens Van Die bij eerst anders kijken naar natuur. Hij nam het bloemstuk achter hem als voorbeeld (foto boven dit verhaal). Die was van plastic, eigenlijk een vreemde benadering van natuur… “Groen om naar de kijken kunnen we ons eigenlijk niet meer veroorloven. Het moet meerdere functies tegelijk dienen. Speelgroen combineren met klimaatadaptatieve maatregelen, een sociale moestuin en een buurtboomgaard. Kun je meteen de kosten voor onderhoud delen. Maar je moet groen ook niet altijd willen beheren. Geef natuur ook de ruimte om zichzelf naar behoefte in te richten.” De 3/30/300 vuistregel is voor Van Die een mooie onderlegger bij het inrichten van wijken. “Elke bewoner moet zicht hebben op 3 bomen, 30% bladerdek in de buurt hebben en toegang hebben tot een groene verblijfplek of 300 meter loopafstand.

Speelruimtespecialist Johan Oost van het ingenieursbureau OBB in Diepenveen wil zoveel mogelijk openbare ruimte vergroenen “en daarvoor moeten we af van het recht van de snelste. We hebben de buitenruimte helemaal ingericht voor de auto. Driebaans reden ze bij mij de wijk uit. Maar als je ziet hoe ze ook allemaal de wijk uit komen als er sneeuw op de weg ligt, dan kan dat dus ook heel anders!” Oost rekende voor dat “een kilo vrije uitloopkip meer speelruimte heeft dan een kilo kind op een schoolplein. En dat terwijl de stichting Speelruimte en Jantje BETON, al tientallen jaren roepen dat het anders moet.”

(tekst loopt door onder afbeelding)

© OBB Ingenieurs Deventer

“Gemeenteraadsleden en wethouders laten zich nog vaak het kaas van het brood eten door projectontwikkelaars en afdelingen grondzaken. Het zou niet moeten gaan om zoveel mogelijk geld voor een gemeente te verdienen, maar om in te zetten op duurzame kwaliteit op de lange termijn. De nieuwe en bestaande generatie bestuurders zou op moeten staan en harde randvoorwaarden stellen, anders blijft het bij enkele pilots en postzegels.”

Tip van Oost: vraag voortaan bij aanbestedingen niet meer naar beeldkwaliteitsbestekken, maar stuur via een bestek waar biodiversiteit een vooraanstaande plek heeft. “Vraag de aannemer maar hoeveel vlinders er over tien jaar te zien zijn.”

 

Word supporter van HierinSalland

HierinSalland is voor, maar ook van Salland. Word supporters en ondersteun ons. Door mee te doen of met een kleine bijdrage.

Interessant? Deel het artikel

Blijf op de hoogte

Abonneer je op een of meerdere van onze nieuwsbrieven en ontvang elke week een update van de artikelen op Hier in Salland. Om de twee weken verloten we onder de abonnees om en om een pakket uit de biologische boerderijwinkel Overesch en de biologische Supermarkt in het Bos van Kleinlangevelsloo, beiden in Raalte. Bekijk de spelregels.

Meer over

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *