In 2008 bestond het Overijssels Kanaal tussen Deventer en Lemelerveld 150 jaar. Stichting Sallandus nam het initiatief voor een jaar vol activiteiten. De gedachte daarachter was even simpel als sterk: als je een jaar lang werkelijk aandacht aan het kanaal besteedt, kijk je er daarna nooit meer hetzelfde naar. Het absolute hoogtepunt was wat ons betreft het Langste Lente Licht. Op 21 maart, bij het begin van de lente, werd het kanaal tussen Deventer en Lemelerveld letterlijk in het licht gezet. Langs tientallen kilometers water ontstond met de hulp van heel veel vrijwilligers één langgerekt lichtkunstwerk. Om de vijftig meter werd een grote wensfakkel ontstoken. Niet om het kanaal te veranderen, maar om ervoor te zorgen dat wij het anders zagen. Dat verschil lijkt klein. Maar het is precies het verschil waar we nu opnieuw over zouden moeten nadenken.
Een nieuw debat over het kanaal
Want dat debat is inmiddels begonnen. Gemeente Raalte en Salland Marketing brachten deze week zo’n twintig ondernemers, organisatoren en betrokken inwoners bij elkaar om na te denken over het gedeelte van het Overijssels Kanaal tussen Raalte en Heeten. Aanleiding is de gedachte dat er te weinig met het kanaal gebeurt. Alida Hilberdink, gebiedsmanager van Marketing Oost, zegt daarover in De Stentor dat het kanaal zijn oorspronkelijke functie en aantrekkingskracht heeft verloren. Dorpen keerden het water de rug toe en daardoor is volgens haar nu een beetje een ‘dode plek’ ontstaan. Dat vindt ze een gemiste kans, omdat het kanaal mogelijkheden biedt voor recreatie. Tijdens de bijeenkomst kwamen dan ook ideeën voorbij als fluisterboten, kano’s en suppen. Er werd gesproken over verbindingen met streekproducten en over tijdelijke horeca en activiteiten aan het water. Twee ideeën worden nu verder onderzocht. De Mokwerf in Raalte zou kunnen uitgroeien tot een ‘beleefplek’ en daarnaast wordt gekeken naar tijdelijke activiteiten of horeca langs het kanaal. Gemeente Raalte en Salland Marketing gaan de plannen verder uitwerken en toetsen aan wet- en regelgeving.
Wij begrijpen die zoektocht. Sterker nog: het is uitstekend dat het kanaal weer onderwerp van gesprek wordt. Maar juist het woord beleefplek maakt ons ook een beetje voorzichtig. Want wat is eigenlijk het probleem dat we proberen op te lossen? Is het kanaal een dode plek omdat er geen terras staat en geen fluisterboot vaart? Of hebben wij afgeleerd te zien hoeveel er juist al te beleven valt?
Een kanaal dat Salland veranderde
Het kanaal is namelijk veel meer dan een aardige watergang om langs te fietsen. Op 7 september 1858 voeren de eerste schepen over het nieuwe traject tussen Lemelerveld, Raalte en Deventer. Het was een zijtak van het kanaal Zwolle-Almelo. De aanleg was een gigantische klus. Alleen al aan het traject richting Deventer werkten op enig moment zo’n 700 arbeiders. Met schop en kruiwagen werd de grond afgegraven; de uitgegraven grond werd gebruikt om de walkanten op te hogen. De dijk waarop we nu zo vanzelfsprekend fietsen, vertelt dus zelf een deel van het verhaal.
Het kanaal veranderde vervolgens de plaatsen waar het langs kwam. Lemelerveld is er misschien wel het spectaculairste voorbeeld van. Op de plek waar de nieuwe vaarweg vanuit Deventer aansloot op het kanaal tussen Zwolle en Almelo ontstond bij het ‘Punt van Samenkomst’ bebouwing. Daaruit groeide uiteindelijk Lemelerveld. Ook Raalte veranderde. Bedrijven vestigden zich langs het water. Onder meer beton-, veevoer-, zuivel-, rubber- en deurenindustrie vonden er een plek. Het kanaal werd een belangrijke aanjager van de industrialisatie van Raalte. Ook Heeten profiteerde van de nieuwe verbinding en aan de andere kant lag Deventer, waar de schepen uiteindelijk de IJssel en de haven konden bereiken. Wie dat allemaal weet, ziet geen sloot meer. Die ziet een snelweg uit de negentiende eeuw.
En toen sloten we hem af
Ook het verdwijnen van de scheepvaart hoort bij het verhaal. Spoorwegen en vrachtwagens namen het vervoer over, schepen werden groter en het kanaal verloor zijn economische betekenis. Delen werden voor de scheepvaart gesloten en bruggen verloren hun oorspronkelijke functie. Het traject Lemelerveld-Deventer ging in 1964 dicht; Raalte-Deventer bleef nog veel langer in gebruik, tot 1988. Dat ging overigens niet geruisloos. Raalter ondernemers voerden actie om het kanaal open te houden. In 1974 ging zelfs een vikingboot richting Den Haag onder het motto ‘Lös det Knaal’. Het mocht niet baten.
Het water is gebleven, maar de oorspronkelijke reden waarom het er ligt is grotendeels verdwenen. De schepen zijn weg. De industrie is voor een belangrijk deel vertrokken. De jaagpaden zijn fietspaden geworden. De bruggen die ooit open moesten voor een naderend schip zijn vooral monumenten geworden. En ondertussen heeft de natuur het kanaal opnieuw uitgevonden. Is dat een dode plek? Of is dat misschien juist de volgende geschiedenislaag van het kanaal?
Niet onmiddellijk een terras neerzetten
Dat is waarom wij enige voorzichtigheid bepleiten bij het nieuwe traject van gemeente Raalte en Salland Marketing. Want zodra ergens het woord beleving valt, komen bijna automatisch de toeristische oplossingen op tafel. Horeca aan het water. Een aanlegsteiger. Fluisterbootjes. Arrangementen. Bewegwijzerde routes. Een evenement. Een app. Een plek waar je koffie kunt drinken. Voor je het weet proberen we niet meer het kanaal te beleven, maar proberen we het kanaal geschikt te maken voor onze gewenste beleving.
En daarmee kan precies verloren gaan wat het bijzonder maakt. Dat zie je op veel toeristische plekken. We ontdekken iets moois, vertellen iedereen dat het mooi is en bouwen vervolgens zoveel voorzieningen om mensen van dat moois te laten genieten dat we langzaam veranderen wat we oorspronkelijk zo mooi vonden. Daarom zouden wij de mensen die de komende tijd verder praten over het kanaal één extra vraag willen meegeven: moeten we iets toevoegen om het kanaal beleefbaar te maken, of moeten we mensen leren zien wat er al is?
Het kanaal is er niet voor ons
Er bestaat een mooie uitspraak over reizen door Nepal: You’re not here to change Nepal, Nepal is here to change you. Die gedachte zouden we eens op het Overijssels Kanaal moeten toepassen. Wij hoeven het kanaal niet te veranderen. Laat het kanaal ons veranderen.
Ga er zitten. Fiets erlangs. Loop er eens twintig kilometer over die oude kanaaldijk. Zoek uit waarom juist op die plek een brug ligt. Kijk naar de hoogteverschillen en realiseer je dat die grond ooit met de schop uit het kanaal is gehaald. Zoek een oude foto op van een schip dat er met turf, graan, zand of ijzeroer voorbij kwam. Vertel waarom bedrijven juist dáár in Raalte terechtkwamen. Laat zien hoe een schipper zijn komst bij een brug aankondigde en hoe een brugwachter vervolgens de doorgang vrijmaakte. Dan heb je ineens een totaal andere toeristische attractie. Namelijk: het kanaal zelf.
Haal die tentoonstelling terug
Daarom zouden wij graag iets terugzien van wat in 2008 gebeurde. Haal de tentoonstelling over 150 jaar Overijssels Kanaal weer tevoorschijn. Actualiseer haar waar nodig en maak van het hele traject tussen Deventer en Lemelerveld één lang openluchtverhaal. Niet alleen digitaal. Juist fysiek. Laat bij een brug zien hoe hij vroeger werkte. Zet bij voormalige industrie oude foto’s van schepen en fabrieken. Vertel in Heeten wat het kanaal economisch betekende. Laat in Raalte zien waarom bedrijven zich langs het water vestigden. En vertel in Lemelerveld dat zonder die kruising van waterwegen het dorp zoals we het nu kennen waarschijnlijk niet had bestaan.
Misschien kan de Mokwerf inderdaad zo’n plek worden. Maar maak er dan niet in de eerste plaats een plek van waar iets nieuws moet gebeuren. Maak het een plek waar je het verhaal van het kanaal kunt begrijpen. Een plek vanwaar je vervolgens anders verder fietst dan je er aankwam. En kijk daarna wat het kanaal zelf nog meer kan zijn. Maar het antwoord moet voortkomen uit het karakter, de natuur en de geschiedenis van het kanaal, niet uit de wens om zoveel mogelijk bezoekers te trekken. Een kanaal ‘leefbaarder maken’, zoals het doel van het nieuwe traject wordt omschreven, suggereert dat er nu iets ontbreekt. Misschien ontbreekt er helemaal niets. Misschien kijken we alleen niet goed genoeg.
Het Overijssels Kanaal hoeft geen toeristische attractie te worden. Het ís er al een. We moeten alleen opnieuw leren kijken.






