Geheister in de doornstroek’n.
Na een beroerd weekje met veel gehoest en gerochel probeer ik vanmorgen de draad weer op te pakken. Het wordt een kort rondje. Hier val ik gelijk al met de neus in de boter. Een of meer dassen zijn hier met veel enthousiasme wezen wroeten op zoek naar een lekker maaltje. En kijk daar in die beuk is eerder een zware zijtak afgescheurd. Kan daar niet een bosuil zitten broeden? Een tiental jaren terug heb ik niet veel verderop al eens een uitgevallen jong terug gezet, ook in een beuk. Het is wel broedtijd voor die mooie beesten.
“Deurpakk’n!”
Kijk dan, witte schijtstrepen op de grond! Maar die zijn van een havik! Hier heeft een havik zijn territorium en ik ben in de buurt van een nest! Van opwinding struikel ik al over mijn eigen veiligheidsschoenen. Het zijn altijd die dekselse veters die je uit je evenwicht brengen. Maar gelukkig ben ik nog heel. Kijk uitgespoelde braakballen! En daar eentje met, tussen de botjes, ook een duivenring! Met NL 2025 en 933 op het eind heeft deze 1e jaars het thuishonk niet gehaald. Snelle duiven die in de prijzen vallen zijn waardevol en melkers balen als zo’n duif niet van een wedvlucht thuiskomt. Maar meestal zijn het de duiven die te traag zijn of verdwalen. Deze geslagen postduiven zijn meestal in hetzelfde jaar geboren, onervaren en grote kans dat ze door een havik gepakt worden. Nr.933 uit Hoogeveen was er zo een. En
Opnieuw lig ik weer bijna op de grond. “Jemig! What the fuck!”. En wat als ik m’n enkel verzwik of m’n pols breek bij het opvangen van de val? Wie raapt me dan op? Ik ben d’r helemaal klaar mee! Óf ik maai hier de hele met onder-begroeiing van doornstruiken plat, óf ik knip de schoenveters bij thuiskomst voor meer dan de helft korter. “Deurpakk’n!!! ”.
En dat ga ik doen ook. En mijn Luttenbergse Roodborstje met z’n pientere kraaloogjes gaat me daarbij helpen. Wedden?






