Ik heb geen portemonnee meer bij me. In m’n telefoonhoesje zit een beetje papiergeld. Nou kreeg ik laatst ineens een behoorlijk bedrag cash bij de Welkoop. Ik had heel goede thermolaarzen gekocht. Thuis bleken ze toch niet goed te zitten. Andere gepast. Ook niet. Dan krijg je geld terug. Betaald met pinpas, cash terug. Het papiergeld past niet in het hoesje en de munten rammelen in m’n broekzak. Ik ben het helemaal ontwend.
Jarenlang keek ik aan tegen de blauwe bordjes “Pinnen? Ja, graag!” Zo kwam het dat bij steeds meer winkels en dienstverleners je alleen nog maar kunt pinnen. Nu lees ik dat dit weer wordt teruggedraaid door de regering. Je moet altijd, op enkele uitzonderingen na, met cash kunnen betalen. De belangrijkste reden is dat er 1 miljoen mensen zijn, die minder digitaal vaardig zijn en daarmee afhankelijk van contant geld. Genoemd worden: senioren, mensen met een beperking mensen met schulden. Wat moet ik van dit rijtje denken? Zou het kloppen? Ik behoor tot één van de drie categorieën. Welke laat ik in het midden. Toch lukt het me om digitaal betalingen te doen.
Maar ongetwijfeld klopt er wel iets van de redenering. Ik begrijp het ook wel, maar het voelt toch een beetje als tegen de tijdgeest in roeien. Misschien hangt de maatregel samen met de oproep om plm. 300 euro cash in huis te hebben? In het noodpakket. Voor als de stroom uitvalt. Zonder stroom immers geen betalingsverkeer. Met cash kun je nog wat kopen. Dan verschijnen de bordjes: “Contant betalen? Ja, graag!” Enkele jaren geleden had een marktkoopman in Olst zo’n bordje al hangen in de kraam. Geld verdween in een grote, zwarte, portemonnee. De kraam is er niet meer.
In mijn auto heb ik nog altijd een doosje met munten. Voor de parkeermeter. Maar die lust al jaren geen contanten meer. Dat geld kan ik beter in m’n broekzak stoppen. Handig voor de straatmuzikant, de zwerver en voor de kraampjes met eigengemaakte spulletjes langs de weg.
Zou iedereen eigenlijk 300 euro in een oude sok hebben liggen? Ik betwijfel het. Wellicht komt er in die noodsituatie wel weer gewoon ruilhandel op gang. Terug naar hoe het ooit was. Wat ik te veel heb, ruilen tegen wat ik te weinig heb. Zo leren we ook alles weer op waarde schatten. Best handig in deze tijd van Black Friday. Bij die aanbiedingen moet je ook de werkelijke waarde weten. Want de korting is vaak fake. Net als de Black Friday zelf. Die dag is een maand geworden. Een fake Friday dus.
Een voordeel van ruilhandel is wel dat Black Friday, met die zogenaamde kortingen, geen zin meer heeft. Ik kan dan gewoon mijn eendeneieren ruilen tegen een – op hout gebakken – cake. Een gelijkwaardige ruil. Zonder schreeuwende reclame. Het lijkt bijna ideaal.





