De afgelopen jaren merk ik dat het gesprek over vluchtelingen in Europa vaak draait om steden, politiek, integratie en werk. Maar er bestaat nog een andere laag van verhalen die bijna niemand ziet.
De verhalen van mensen van het platteland.
Mensen die van het ene platteland naar het andere verhuisden.
Van aarde naar aarde.
Een Syrische boer kwam niet als een leeg blad naar Europa.
Hij droeg complete seizoenen met zich mee. Stoffige wegen. Het geluid van hanen bij zonsopgang. De geur van regen boven tarwevelden. En vaders die naar hun land keken alsof ze naar hun eigen kinderen keken.
Dit is geen volledige autobiografie, en ook geen volledig verzonnen verhaal.
Het is een poging om dichter te komen bij de stille innerlijke verandering die veel mensen doormaken wanneer ze, jaren later, beseffen dat ze ergens tussen twee landschappen zijn blijven hangen.








