Op 16 april liet hij zich weer horen. Na een lange trektocht van zo’n 5.000 kilometer is hij terug vanuit zijn overwinteringsgebied in West-Afrika in Nederland. Een indrukwekkende reis die hij elk jaar opnieuw maakt. Zodra hij terug is, laat hij zich meteen horen en is hij weer opvallend aanwezig in de omgeving.
De naam zegt het al: de bonte vliegenvanger is een kei in het vangen van vliegende insecten. Hij vangt onder andere vliegen, muggen, vlinders, libellen, oorwurmen en sprinkhanen. Dat doet hij vanaf een vaste zitpost, vanwaar hij korte, snelle vluchten maakt om prooien in de lucht te vangen. Een efficiënte manier van jagen dus. Rupsen spelen een belangrijke rol in zijn dieet, vooral tijdens de broedperiode. De jongen worden vrijwel uitsluitend met rupsen gevoerd, omdat die rijk zijn aan voedingsstoffen.
De soort broedt vaak in nestkasten, maar ook in natuurlijke holtes zoals boomholten. Meestal legt hij één broedsel per jaar, met zo’n 6 tot 7 eieren. Al vrij vroeg na het broedseizoen, meestal eind juli, vertrekt de soort weer naar hun overwinteringsgebied in West-Afrika. Dat hangt samen met het afnemende aantal insecten in Nederland in die periode.
En nu is hij er dus weer. Iets waar ik elk voorjaar weer naar uitkijk.





