Joop van der Wal: Afrekenen

Columnist Joop van der Wal wordt 'spreekwoordelijk' van haantjes de voorste.

Interessant? Deel het artikel

210917kees
© PxHere

Deze keer wil ik een paar spreekwoorden gebruiken want er zijn wat kwesties die mij bezighouden. Het ergert mij namelijk al vele jaren dat ‘de kwaden het bederven voor de goeden’. Een ‘waarheid als een koe’ mag nog zo waar zijn, het betekent kennelijk niet dat je die waarheid ook als zodanig hoeft te erkennen.

In de (landelijke) politiek zijn daarvan voorbeelden te over. Een belangrijke reden dat ik mij tot nu toe nooit aansloot bij een politieke partij is het feit dat daar het algemeen belang met grote regelmaat sneuvelt als het tegenover het partijbelang komt te staan. Ik heb over dat algemeen belang wel eens eerder geschreven. In het eerste jaar dat ik Latijn op mijn schoolrooster had staan, leerde ik dat de bestuurders van de staat, de senatoren in het oude Rome, waren vrijgesteld van ‘gewoon’ werk. Ze hadden de plicht om ervoor te zorgen dat de algemene zaak geen schade opliep (ne quid detrimenti capiat res publica). U herkent in de laatste twee woorden wellicht het woord dat bij ons wordt geschreven als republiek.

Het vrijgesteld zijn van gewoon werk is een voorrecht, maar er zijn hele landen ten onder gegaan door het ontsporen van vrijgestelden die de weelde van dat voorrecht niet konden dragen. Dat laatste resulteert in bestuurders die zich meer bekommeren om het behoud van hun zetel dan om het landsbelang. Politici vallen niet zelden ten prooi aan het zogenaamde Peter Principle: in een hiërarchie stijgt elke werknemer tot zijn niveau van incompetentie. Ook daar is een term voor: die mensen zijn ‘omhoog gevallen’. Jan had voldoende dienstjaren opgebouwd voor een hogere positie, maar in feite kon hij die verantwoordelijkheid niet meer dragen. Als je de zaken niet meer overziet, ‘lopen er dingen in de soep’. Bij een beslissing in de Gemeenteraad tegen stemmen omdat je iets niet snapt is een voorbeeld van incompetent gedrag.

Onder incompetent gedrag valt wat mij betreft ook het nemen van maatregelen terwijl je al weet dat er voor handhaving te weinig capaciteit beschikbaar is. Veel van die maatregelen zijn gericht op misstanden. Nog maar een (zelf verzonnen) spreekwoord? ‘In elke beroepsgroep zitten vijf procent hufters’. Die hufters misbruiken mazen in de wet voor eigen gewin.

En dan ben ik terug bij het eerste spreekwoord dat ik aanhaalde: de kwaden bederven het voor de goeden. Toezicht is goed, het moet er zijn, maar het is mij ‘een doorn in het oog’ dat 95 goedwillenden afgerekend worden op het gedrag van 5 hufters. Het betekent namelijk dat het wantrouwen regeert.

Waarom kunnen we niet uitgaan van de goede wil van de meerderheid? Nou, dat kan alleen als we het lef hebben de mensen die er een potje van maken af te rekenen op hun foute gedrag. Dat scheelt een hoop tijd! Ik word er zo moe van altijd maar bij iedereen te moeten zoeken naar de addertjes onder het gras.

Die zijn er namelijk in 95 procent van de gevallen helemaal niet.

 

Word supporter van HierinSalland

HierinSalland is voor, maar ook van Salland. Word supporters en ondersteun ons. Door mee te doen of met een kleine bijdrage.

Interessant? Deel het artikel

Meer over

Blijf op de hoogte

Abonneer je op een of meerdere van onze nieuwsbrieven en ontvang elke week een update van de artikelen op Hier in Salland. Om de twee weken verloten we onder de abonnees om en om een pakket uit de biologische boerderijwinkel Overesch en de biologische Supermarkt in het Bos van Kleinlangevelsloo, beiden in Raalte. Bekijk de spelregels.

2 gedachten over “Joop van der Wal: Afrekenen”

  1. Avatar
    Martin van der Hooft

    Het nadeel van een afreken-model zien we dagelijks over de hele wereld terug. Misschien moet je het juist omdraaien en je richten op een beloningsmodel. Het grote voordeel is dat je dan zelf met positieve zaken bezig bent, de samenleving zich meer gaat richten op ‘hoe kan ik het beter doen voor iedereen’ en diezelfde samenleving zich niet meer (alleen) hoeft te richten op het voorkomen van schade.

    Enkele (geheel willekeurige) voorbeelden:

    Beloon (en noem het desnoods subsidie) individuele agrariers die in acties laten zien dat ze het beste voor hebben met het duurzaam behoud van natuur, dier én mens. / Stop met het belonen van agrariers/agrarische bedrijven die andere keuzes maken.

    Richt je als leraar in de klas op de leerlingen die wel meedoen, beloon ze door ze betere en uitdagendender lessen aan te bieden / Stop met aandacht geven aan leerlingen die niet mee willen doen.

    Beloon bedrijven die daadwerkelijk iets teruggeven aan de samenleving (bijvoorbeeld door de sportclub te sponsoren of activeiten organiseren) met opdrachten voor de samenleving, of door daar in te kopen. / Laat bedrijven die alleen voor grote of snelle winsten gaan, lekker hun eigen markt opzoeken.

    Beschouw vrijwilligerswerk als gewone arbeid en bedenk hoe je dit kan belonen/ondersteunen (en dat dus zonder geldelijke vergoeding. Of juist wel soms) / Stop met aandacht schenken, maatregelen zoeken tegen mensen die niet meedoen. Dat is hun eigen keus.

    Erken dat de maatschappij niet past bij iedereen, neem de ‘uitvallers’ voor lief en zorg juist goed voor ze. / Stop met het dwingen van iedereen in het keurslijf van de door jou bedachte samenleving.

    En zo zijn er vast nog veel meer voorbeelden te vinden en te bedenken. En Joop, het leuke is dat je je dan inderdaad niet meer bezig hoeft te houden met die addertjes.

  2. Denne van Knöldert
    Denne van Knöldert

    Je laat me met twee overpeinzingen achter Joop.
    Ik gebruik rijden onder invloed altijd als voorbeeld bij een maatregel die niet of nauwelijks gecontroleerd wordt terwijl de meesten er zich keurig aan houden. Dus het kan wel? In dit voorbeeld is het denk zo dat we het voor elkaar gekregen hebben uit te leggen dat je dat toch beter maar niet moet doen. Dat appeleert aan de zin van de regel. Ik geef mensen groot gelijk die onzinnige regels in de wind slaan. Zo controleer ik studenten niet op plagiaat of op het gebruik van Chat GPT. Ze zijn dom, leg ik ze uit, als ze het níet gebruiken, ze zijn dom als ze het zo gebruiken dat ze er niks van leren, ze zijn dom als ze het zo gebruiken dat ik het kan achterhalen en ze zijn dom omdat ze er later bij een baan mee door de mand vallen.

    Tweede overpeinzing gaat over deze zin: ‘Nou, dat kan alleen als we het lef hebben de mensen die er een potje van maken af te rekenen op hun foute gedrag.’ Moeten we dan de boeren op hun donder geven of de mensen van XR? Of beiden? Of geen van beiden? En wie bepaalt dat?

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Blijf op de hoogte

Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang elke week een update van de artikelen op Hier in Salland. Iedere maand verloten we onder de abonnees een pakket uit de biologische boerderijwinkel Overesch in Raalte. Bekijk de spelregels.